U bevindt zich hier: Lijst stappen Stap 1  

STAP 1

Hoofdaccent: uitspraak

Vooraleer deze eerste stap aan te pakken, is het raadzaam om eerst de algemene informatie te lezen.

We vliegen er onmiddellijk in. Veronderstel dat een van uw buren een bakker is, die bekend staat voor zijn angst voor ziektes. Om de haverklap belt hij zijn dokter op. Op zekere dag leunt u uit het venster en ziet u hem in zijn woonkamer alweer de dokter opbellen. Meewarig schudt u het hoofd naar uw partner en zegt:

"Pfui, der Bäcker ruft schon wieder den Arzt an"
[pfui de:ɐ bɛkhɐ ru:ft ʃo:n vi:dɐ de:n a:ɐtst an]

In de eerste drie stappen zullen we deze Duitse zin ontleden, zodat u daarna in staat zal zijn gelijkaardige zinnen in het Duits op te stellen, zowel schriftelijk als mondeling. Een hele uitdaging, niet? In de eerste stap bekijken we enkele woorden in deze voorbeeldzin zowel op het vlak van de betekenis, de schrijfwijze als de uitspraak. In de tweede stap springen we in de poel van de naamvallen en in de derde stap doorworstelen we enkele vormen van het woord, dat het geheel van de zin doet werken, het werkwoord.

Woordenschat

Bekommer u nog niet te veel om de groene zin met wel erg vreemde tekens onder de Duitse. Het gaat om de uitspraak ervan. Daar komen we zo dadelijk op terug. U zal wel ervaren dat steeds de uitspraak onmiddellijk zal volgen op elk Duits woord in alle stappen.

Om onze eerste voorbeeldzin te begrijpen, moeten we het woordenboek raadplegen. Zoek alvast de volgende drie woorden eruit op in een Duits-Nederlands woordenboek, waarbij het goed is te weten dat de woorden "ruft:" [ru:ft] en "an" [an] een vorm zijn van het basiswoord "anrufen"[anru:fn]. Eens u snuffelt in het woordenboek, zal u mogelijk meerdere betekenissen voor een woord vinden. Als u echter weet dat de voorbeeldzin een uitspraak is aangaande een bakker die een dokter, een arts opbelt, dan zal u wel de juiste keuze maken tussen de verschillende betekenissen van een woord, niet? Vul in onderstaande vakjes de nodige betekenis in het Nederlands van volgende Duitse woorden in:

  Bäcker [bɛkhɐ]:

          Arzt [a:ɐtst]:

anrufen [anru:fn]:

Gelijkenis met het Nederlands

Valt het al op, hoe zeer het Duits lijkt op het Nederlands? En toch zijn er duidelijke verschillen doordat vaak geheel andere letters gebruikt worden en vaak gelijkaardige letters anders uitgesproken worden. Weet je wat? Dat precies maakt het Duits moeilijk. Men is vanuit de kindertijd zo gewoon om een bepaald woord te schrijven en uit te spreken, dat men begint te twijfelen wanneer men datzelfde woord spontaan in het Duits moet schrijven of uitspreken. Als gevolg van die twijfel begint men bij het uitspreken te mompelen, bepaalde letters half in te slikken, met als gevolg: geen Duitser verstaat u nog! Daarom is bij het uitspreken vooreerst de ervaring in het gebruik van dat woord van belang en op de tweede plaats - last but not least!! - het steeds klaar en duidelijk uitspreken van "elke" letter (dat noemt men "articuleren", de "articulatie"). Maak u geen zorgen: die ervaring en die vlotheid in het articuleren komt, zeker en vast.

Uitspraak

Wat bent u met een mooi en foutloos geschreven woord, als u het niet eens deftig kan uitspreken? Daarom vallen we van bij de aanvang de uitspraak van het Duits aan.

Om bij de uitspraak te helpen, wordt vanaf nu steeds in elk Duits woord aangegeven waar de klemtoon ligt. Daartoe staat een klein streepje onder de te beklemtonen klinker.

De uitspraak wordt weergegeven door gewone letters en ook speciale tekens. Laten we de drie woorden die we net opgezocht hebben, eens nauwer bekijken op het vlak van de uitspraak. Lees aandachtig de verklaring voor elk teken in de tabel rechts. Neem daartoe rustig uw tijd. Ziet u al, dat een lange uitgesproken klinker steeds weergegeven wordt door er een dubbelpunt achter te zetten in de uitspraakweergave? Probeer nu aan de hand van de tekens deze drie woorden in de groene tekst te lezen. Herhaal het een aantal keren, als u wil.

Enkele speciale uitspraken bekijken we afzonderlijk, waarbij we heel wat bijkomende Duitse woorden zullen leren kennen:

Bäcker [bɛkhɐ] valt al onmiddellijk op door de speciale "ä".

  • In het Duits spreekt men een "e"-klank op vijf verschillende wijzen uit. Een eerste wijze is de eenvoudigste: de doffe "e", uitgesproken net zoals in het Nederlands. Dat wordt in de uitspraakweergave een "ə", niet te verwarren met het teken "ɐ" in het woord Bäcker [bɛkhɐ] (dat verderop verklaard wordt).

  • De tweede wijze is een korte helle "e" zoals in de Nederlandse woord "pech" of "weg". Dat wordt in de uitspraakweergave een "ɛ". Het wordt zeer veel toegepast voor een gewone korte helle "e" in een Duits woord, alsook voor de korte uitspraak van de geschreven "ä". Probeer als voorbeelden ook eens volgende kleine Duitse woorden uit te spreken:

    weg (ndl: weg, verdwenen) [vɛk] (hmm... een "g" op het einde van een woord wordt in de uitspraak een "k"!)

    es (ndl: het) [ɛs]

    Herzog (ndl: hertog) [hɛrtso:k] (een "z" wordt in de uitspraak een "ts"!]

    Bäcker (ndl: bakker) [bɛkhɐ]

    Bäche (ndl: beken = meervoud van beek) [bɛçə] (een "ch" wordt ter uitspraak als "ç" weergeven en heeft niets te maken met de ç in het Franse woord "garçon". Bemerkt u in dit woord het eerste gebruik van de doffe "e" met symbool "ə"?)

  • Die korte "e" spreekt men ook heel anders uit. Neem bijvoorbeeld het Nederlandse woord "methaan" van methaangas. U zal die "e" mogelijk lang uitspreken, maar in het Duits spreekt men deze kort uit. Oefen maar eens door een lange Nederlandse "e" kort uit te spreken. Hoort u het verschil tussen de korte "e" in het Nederlandse woord "weg" en een kort uitgesproken lange Nederlandse "e"? Dergelijke uitspraak wordt door een gewone "e" weergegeven, en komt in hoofdzaak in woorden voor die uit een andere taal in het Duits zijn overgenomen. Deze speciale korte "e" heeft meestal niet de klemtoon van het woord. (Zoals hogerop vermeld, wordt ter hulp de klemtoon van het woord weergegeven door een streepje.) Enkele voorbeelden?

    Methan (ndl: methaan) [metha:n] (oei: een korte uitspraak van de lange Nederlandse "e", a.u.b.)

    Demonstration (ndl: demonstratie) [demonstratsio:n] (die tweede "t" spreekt men aldus uit zoals in de oorspronkelijk taal Frans: "ts"!) (ook hier een korte "e")

    Telefon (ndl: telefoon) [thelefo:n] (tweemaal deze korte "e"!)

  • Nu kan u deze twee laatste wijzen om een "e" kort uit te spreken, ook lang uitspreken. Bijzonder daarbij is het lang uitspreken van de "ɛ:" . Probeer maar eens door in het Nederlandse woord "hertog" deze "e" lang, heel lang uit te spreken. Bemerkt u daarbij, dat die lang uitgesproken "ɛ:" lijkt op een Nederlandse "ei" in het woord "weide" waarbij u de afronding van die "ei" door middel van een "i" niet uitspreekt? Een 'vuile' "ei" aldus. Dergelijke lange "ɛ:" is wel heel speciaal en komt in het Duits veel voor bij de geschreven "ä". Enkele voorbeelden:

    Mädchen (ndl: meisje) [mɛ:tçən]

    Bär (ndl: beer) [bɛ:ɐ] (zie lager voor de twee uitspraakmogelijkheden van de "r")

    Rätsel (ndl: raadsel) [rɛ:tsl] (die "e" in het woordeinde "-el" wordt niet uitgesproken!)

  • En tenslotte is er de gewone lange "e" zoals in het Nederlandse woord "meer". Dat wordt voor de uitspraak weergegeven door een "e:". Ook hier enkele voorbeelden?

    edel (ndl: edel) [e:dl] (die "e" in het woordeinde "-el" wordt niet uitgesproken)

    Leder (ndl: leder) [le:dɐ]

    Weg (ndl: de weg) [ve:k] ("g" op het einde van een woord wordt in de uitspraak een "k". Bemerkt u het verschil met het woord weg (ndl: weg, verdwenen) [vɛk]?)

Bemerk ook, dat in een geschreven woord zoals Bäcker [bɛkhɐ] een "ck" in het Duits steeds staat voor een dubbele "k". Een Nederlandse dubbele "kk" kent men in het Duits niet.

LETTERS

klinker:    de volgende letters: "a", "ä", "e", "i", "o", "ö", "u", "ü" en vaak de "y"

tweeklank:    de opeenvolging van twee klinkers die als een eenheid uitgesproken worden: "ei", "eu", "au"

medeklinker:    alle letters die geen klinker of tweeklank zijn

Iets bijzonders is dat in het Duits een lange klinker in het geschreven woord niet wordt weergegeven door een herhaling ervan zoals in de Nederlandse woorden "voor, meer, aan". In het Duits schrijft men een klinker slechts eenmaal (met enkele uitzonderingen die later wel eens aan bod zullen komen). Hoe weet u dan, dat de uitspraak kort of lang is? Wel, een klinker die maar door één medeklinker inde lettergreep gevolgd wordt, wordt haast steeds lang uitgesproken. Wordt de klinker door meerdere medeklinkers (in dezelfde lettergeep van een woord) gevolgd, dan spreekt men hem kort uit. Daarop zijn er wel een paar merkwaardige uitzonderingen:

Arzt [a:ɐtst] valt op door de lange uitspraak van de "a" in tegenstelling tot het Nederlands. Normalerwijze spreekt men in het Duits een "a" kort uit als er meerdere medeklinkers op volgen, maar in het woord Arzt zien we een uitzondering (ach... elke taal heeft zo haar uitzonderingen, niet?). Heeft u zin in nog enkele uitzonderingen met lange "a"? Daarbij leren we alweer Duitse woorden kennen:

Papst (ndl: paus) [Pha:pst] (pas op: de eerste "p" aanblazen, de tweede niet omdat er een medeklinker op volgt. Zie de tabel rechts hierboven)
Bart (ndl: baard) [ba:ɐt]

Bemerk dat een "z" steeds als "ts" uitgesproken wordt. Een "zt" wordt dan ook "tst". Spreek het woord Arzt [a:ɐtst] nog maar eens duidelijk uit (en vergeet het niet: lange "a").

Uitspraak van de "r"

Een "r" op het einde van een woord, en vaak voor een medekinker en tegelijk na een lange a: e: en vaak ook voor een medeklinker en tegelijk na een korte ɪ, ɛ, y, a, o wordt als volgt uitgesproken: een soort doffe "e" die zeer kort uitgesproken wordt en gebonden wordt aan de uitspraak van de vorige letter met een lichte toonverlaging. Er zit aldus geen "r"-klank in! De uitspraakweergave ervan is ɐ. Indien aan deze "r" een doffe "e" voorafgaat, valt deze "e" in de uitspraak weg. Enkele voorbeelden:

Bäcker [bɛkhɐ]
Bär [bɛ:ɐ]
Leder [le:dɐ]
Arzt [a:ɐtst]
Bart [ba:ɐt]

De "r" in andere gevallen wordt steeds zeer rollend uitgesproken, zeer (!) rollend, en achteraan in de mond tegen de keelholte aan waarbij de tong achterwaarts geduwd wordt om het keelgat deels af te sluiten. Probeer maar meerdere malen. Let erop om die rollende "r" achteraan in de mondholte tegen de keel aan uit te rollen, niet in het voorste gedeelte van de mondholte, want dan wordt het een Franse rollende "r". Moeilijk niet? De uitspraakweergave ervan is "r". Oefening baart kunst. Dus... oefenen en oefenen! Voorbeelden met rollende Duitse "r":

anrufen (ndl: opbellen) [anru:fn]
Ratte (ndl: rat) [rathe]
Rose (ndl: roos) [ro:ze] (hier wordt de "s" als een "z" uitgesproken. Dat wordt in volgende stappen nog wel uitgelegd)

Een geschreven "u" zonder umlaut erop wordt in het Duits steeds als een Nederlandse "oe" uitgesproken, kort of lang. Uitspraakweergave: "u" of "u:"

Tenslotte is het goed erop te letten om elke "k", "p" en "t" aan te blazen, zoals aangegeven in de tabel links boven. Hierbij neigt men een "h" (het aanblazen) uit te spreken als een aanhangsel aan de "k", "p" of "t". Daarom dat deze letters steeds bij de uitspraak weergegeven worden door "kh", "ph" en "th". Op het einde van een woord of als er een andere medeklinker op volgt, dan blaast me niet aan.

Tot hier de eerste stap. In de volgende stap zullen we het 'schrikwekkende' van de Duitse taal een eerste blik gunnen: de naamvallen. En ach ja, in onze voorbeeldzin staan nog andere woorden. Die komen in de vierde stap aan bod. Laten we nu deze eerste stap maar even rusten en op een later moment van de dag of morgen wellicht kan u alles nog eens doornemen en inoefenen. Hoor ook eens naar een Duitse zender... kwestie om de aangeleerde klanken te herkennen.

Naar stap 2.




 
Lijst van alle stappen



 

Verantwoordelijkheid: Sebastian Norbert Hope, Niedersachsen, Deutschland (zie contact).